We gingen op weg naar Bajawa. Wederom een rit van zo’n 6 uur, inclusief een bezoek aan de Malanage Hot Springs in Soa. Deze warmwaterbron ligt mooi in de bergen. Warm water uit de vulkanische berg komt aan de oppervlakte en vermengt zich met beekjes koud water uit de bergen. Het is heel aangenaam verpozen. Veel mensen stappen er met kleren en al in. Omdat het vandaag weer erg warm was hadden we niet zoveel behoefte aan een hotspring, dus na een half uurtje trokken we weer verder.
We bleven hobbelen op slechte wegen en maakten een stop bij een traditioneel dorp. Azis vertelde het een en ander over wat we daar zagen. De huizen zijn opgesteld rond een kale vlakte. Daarop in het midden twee soorten huisjes die voor ceremonies worden gebruikt waarin/waarop wordt geofferd. Een voor de vrouwen met rechthoekige schuine daken en een dicht huisje daaronder en een die er uitzien als een soort parasol: een dikke stam met uitkervingen en een bladerdak. Dit is voor de mannen.
Bij elke ceremonie worden offers gebracht aan de geesten van de voorouders. Dat offer kan een buffel zijn, een koe of een varken en rijst. Dit wordt gezamenlijk door het dorp bekostigd. Aanleiding voor een ceremonie kan zijn: de bouw van een nieuw huis, een huwelijk of een sterfgeval. Bij de huizen hangen de hoorns van de buffels en de kaken van de varkens en koeien die geofferd zijn. Het is als het ware het prijskaartje dat bij het huis is gehangen.
De huizen waar de mensen in wonen zijn heel eenvoudig en gemaakt van bamboe. Een ruimte om te zitten en te eten, een ruimte om op te slapen en een kookruimte. Op deze laatste plek wordt niet alleen het eten voor de familie bereid maar ook dat van de varkens.
De huizen staan altijd op een verhoging. De tredes in deze dorpjes zijn onwijs hoog. Wij hebben aldoor moeite om er op te klimmen of af te stappen, maar de oude vrouwtjes gaan hier zonder enige moeite op en af. Achter het huis is vaak een tuintje en een varkenshok. Er is geen water, dat moet van elders gehaald worden.
Verder scharrelen er veel honden rond (die ook gegeten worden) en kippen.
Kleine kindjes spelen rondom en soms ook onder het huis.
De oudere kinderen gaan vanaf 6 jaar naar school. In elk geval tot hun 13e. Ze kunnen ook doorgaan naar highschool maar dat is duur. En vanaf je 18e kun je eventueel naar de universiteit. Maar daar moet je wel slim en rijk voor zijn. Tot de middelbare school wordt het onderwijs door de regering betaald. Ouders betalen alleen nog voor de schooluniformen.
In Bajawa gebruikten we een heerlijk lunch in een heel leuk restaurantje. Je moest een trap opklimmen om binnen te komen. Hier hebben we heerlijke babi ketjap gegeten. Tot op heden het beste maaltje dat ik hier in Indonesië heb genuttigd.
Drie kwartier later kwamen we tenslotte aan in onze huisjes in Manulala. De huisjes staan midden in het regenwoud en liggen vrij hoog op de helling waardoor je een mooi uitzicht op het dal hebt. Ware het niet dat bij aankomst de mist over de berg heen rolde het dal in. Niks geen uitzicht helaas dus. De receptie en het restaurant zijn gevestigd in een kleurrijk gebouw met mooie gebrandschilderde ramen. Ook hier hangt een soort lui gevoel. Met de mist om je heen waan je je bijna in de Himalaya of iets dergelijks.
De huisjes zijn geweldig! Heel luxe, mooi bed met klamboe, rieten matten op de vloer, rieten manden, een grote stortdouche, een fantastische veranda met een lui ligbed. Het kan niet op. Wat een enorm verschil met de dorpen waar we doorheen komen! je beseft weer eens te meer hoe goed je het hebt.
Na een goed diner heerlijk geslapen in mijn mooie huisje!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten