Op 3 oktober, de sterfdag van mijn moeder, vlogen we naar haar geboorte-eiland: Flores. Deze reisdatum was min of meer toevallig, maar het maakt de cirkel wel mooi rond!
Een lange reisdag stond op het programma. Eerst een paar uur rijden naar het vliegveld in Denpasar en dan vliegen naar Maumere op Flores. De vlucht zelf was kort, slechts 2 uur met een propellorvliegtuig van Lion Air. Er was wat vertraging dus we kwamen later op Flores aan dan gepland.
Vanaf het vliegveld was het nog 4 uur rijden door de bergen, dus was er weinig tijd voor tussenstops. We zij even gestopt aan het strand met zicht op de Indische Oceaan. Daarna gelijk weer door zodat we op tijd zouden zijn voor het diner op ons logeeradres.
We hebben een nieuwe chauffeur en deze keer ook een gids die de rest van de reis bij ons zullen zijn. De chauffeur heet Valdi, de gids Azis.
Onderweg vertelde de gids ons wat weetjes over Flores. Van oorsprong was het Portugees gebied. Zij brachten hier het katholicisme. Op dit moment is nog 70% katholiek, 15% hindoe en 15% moslim.
Het is gelijk te zien aan de gebouwen op Flores. Dit keer geen minaretten maar veel kerken met een kruis.
Flores voelt weer totaal anders aan dan de vorige eilanden. Hier geen grote sawa’s, ze zijn er wel, maar veel palmbomen en bananenbomen. En een heel opvallende boom is de macadamia. Deze bloeit prachtig wit en steekt echt af op de hellingen. Net zilveren bladen op de toppen van de takken in het late daglicht.
Een andere vrucht van hier: de cashewnoten. Genoeg lekkers dus om te snoepen.
De naam Flores betekent bloem en dat is wat je hier veel ziet. Bloemen van gewassen en ook wilde bloemen.
De wegen die we rijden zijn enorm bochtig, we rijden dwars door de bergen. Flores heeft maar liefst 14 vulkanen en die zijn bepalend voor het beeld van het eiland. Hoge, scherpe bergen met veel plooien. Het stuk dat we vandaag rijden is redelijk goed begaanbaar. Er wordt veel werk aan besteed. Dat komt omdat we door een nationaal park rijden en voor het toerisme wordt het nodige geld uitgegeven om de wegen goed te houden.
Omdat we laat aankwamen op ons logeeradres in Moni zagen we totaal niets van de omgeving (rond 6 uur is het donker). Het waren leuke ecolodges. We kwamen lekker bij met een diner ter plekke en gingen op tijd naar bed. Groot was de verrassing toen ik ‘s ochtend het gordijn open deed. Onze lodges keken uit op een berghelling met sawa’s. Wat een prachtig gezicht! Jammer dat we hier niet nog een nachtje zouden doorbrengen!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten