vrijdag 11 oktober 2019

Dobberen in een bootje en gevaarlijke beesten

De laatste twee dagen hebben we doorgebracht op een bootje om te snorkelen en om Komodovaranen te zien.
We hadden twee kansen. De eerste dag op het eiland Rinca en de tweede dag op het eiland Komodo. 
We zagen maar liefst 14 komodo’s op Rinca. Het was in de snikhete middag. Samen met een ranger gingen we op pad om ze te zoeken, maar de meeste zagen we direct al bij het pand van de rangers omdat ze op de geuren van de keuken af komen.
‘S middags zijn ze heel sloom. Het zijn koudbloedige dieren, die ‘s nachts afkoelen en dan ‘s ochtends moeten opwarmen. Dan gaan ze foerageren en in de middag dutten ze veel.
Het kunnen flinke kolossen worden van zo’n 3 meter lang. De mannetjes hebben een brede kop en de vrouwtjes smalle.




Varanen paren rond juli en augustus, daarna ontwikkelt het vrouwtje eieren die 2 maanden in haar blijven en vervolgens in een nest worden gelegd. Daar blijven ze nog 7 maanden liggen tot ze uit komen. De jongen zijn direct zelfstandig en het eerste wat ze doen is gauw een boom in klimmen, want ze zijn nog kwetsbaar. Ze worden gegeten door haviken en wat nog erger is: door hun eigen ouders! Het zijn kannibalen! De jongen verstoppen zich in holtes in de bomen en blijven daar tot ze 3 jaar zijn vooral zoveel mogelijk ik zitten. Ze voeden zich met insecten en kleine dieren zoals vogeltjes. Na 3 jaar zijn ze te zwaar om nog te klimmen en dan blijven ze op de grond.
Varanen zijn echte engerds: groot, met een gespleten tong die telkens de geuren oppikt, enorme klauwen en ze kunnen ook nog eens tot 20 km per uur hard lopen. Het zijn geniepigerds want de houden zich heel rustig en wachten of tot hun prooi langs loopt om ze vervolgens te bijten. Door alle bacteriƫn in hun speeksel gaat de prooi uiteindelijk dood. Ze blijven dus hun gewonde prooi volgen tot deze sterft en eten hem met huid en haar op, inclusief botten. Alleen schedels slaan ze over. Met hun tong kunnen ze geuren oppikken van wel 5 km ver weg.

Onze tweede kans om de varanen te zien was de volgende ochtend op Komodo eiland. Ook daar gingen we weer met een ranger op pad. En we hadden mazzel: door het vroege tijdstip waren ze actief. We hebben er een stuk of 4 gezien. Minder dus dan op Rinca, maar wel met meer actie. Ze zijn hier ook groter dan op Rinca. Een stak ons pad over en de ranger ging er achteraan. Hij legde het filmende mobieltje van mijn zus op grond terwijl de varaan er aan kwam en er recht overheen liep. Dat gaf wel een spectaculair filmpje. Jurasic Park is er niks bij! 
Maar ik dacht wel: help, deze man is degene die ons moet beschermen en hij laat ons alleen voor een filmpje van de varaan... 


Hoewel ze maar 1 keer in de 3 a 4 weken eten is het toch echt wel gevaarlijk. Ze zijn vreselijk onvoorspelbaar in hun gedrag en ze kunnen met gemak een buffel eten, dus mijn zwager of ik zijn een snackje voor deze giganten.

De rest van deze twee dagen hebben we vooral op de boot gedobberd en hier en daar aangelegd om te snorkelen. Het blijft bijzonder! Ik zag een barracuda van zeker een meter lang met allemaal tandjes in zijn openstaande bek. Ik dacht: wegwezen hier! Geen idee of zo’n beest je als mens aanvalt, maar ik nam liever het zekere voor het onzekere. Ik zie liever die prachtige maanvissen of de kleine Nemo’s!




We sliepen aan boord en de maaltijden gebruikten we ook aan boord. Allemaal prima geregeld! En zo liep onze laatste vakantiedag ten einde.
We voeren terug naar Labuan Bajo, zochten onderweg nog naar Mantaroggen en hebben er een gezien. Als toetje kwamen we nog zo’n 10 dolfijnen tegen die bij de boeg mee zwommen. 


Dus nu dit afsluitende blogje, nog een keer Indisch eten en morgen het vliegtuig in voor een lange reis terug. Van Labuan Bajo naar Denpasar naar Medan naar Amsterdam. We zijn voorlopig nog niet thuis, maar het is nu toch echt voorbij!

Al met al was het een reis met bijzondere momenten toen we op zoek waren naar mijn moeders voetsporen hier in de Gordel van Smaragd. We hebben een indruk kunnen krijgen van de eilanden waar ze verbleef. Van het oorlogsverleden hebben we nog wat terug kunnen vinden en ook van de periode daarvoor. En  we hebben opa’s graf bezocht. Daarnaast mochten we genieten van al het moois dat het land heeft te bieden en van de diversiteit in cultuur en landschap op de verschillende eilanden.  
Het was fijn om dit samen met mijn zus Hester en zwager Allard te doen. De voorbereiding van het uitzoeken van mijn moeders verleden was heel leuk om samen te doen. En samen reizen is ook heel gezellig!
Nu met alle verhalen naar de rest van de familie om er over te vertellen en de beelden te laten zien! Hopelijk zullen ook de kinderen en kleinkinderen in de familie dit ooit weer doorgeven aan de volgende generaties.






1 opmerking: